15-10-17

* 'De Enschedese stadsgezichten', serie (1981-1987)


Toen ik in 1980 begon gebruik te maken van de Beeldende Kunstenaars Regeling, 
had ik er behoefte aan om de goed betalende gemeenschap werk te verkopen waar ik 
die gemeenschap een plezier mee zou doen. Ik besloot om een portret te maken van Enschede, 
de stad waar ik sinds 1972 woonde en die ik al flink had zien veranderen. 
Een portret in panorama's en fragmenten waarin de overgangsfase getoond zou worden 
van de textielindustriestad, die het geweest was vóór mijn komst, naar de volgende fase, 
die zich toen nog niet duidelijk aftekende.
Lege fabrieksgebouwen en later de lege vlaktes waar die gebouwen gesloopt waren, 
bepaalden de sfeer van de stad. Ik ging opzoek naar taferelen die mij frappeerden, 
of die ik om wat voor reden dan ook de moeite waard vond om te vereeuwigen.

Als eerste de met wilde wingerd begroeide fabrieksmuur van de Van Heek-
fabriek Schuttersveld, waar ik jarenlang regelmatig langs was gefietst.
Vooral in het najaar prachtig, wanneer er rode vlammen in verschijnen.


'Middag in mei', de elk jaar weer overweldigende bloesempracht van de
japanse kers langs de Hoge Boekelerweg, de straat waar ik in 1976 was komen wonen.




Tweemaal het Weth. Nijkampviaduct, waar ooit treinsporen onderdoor liepen
voor goederenvervoer van en naar enkele textielfabrieken. De grond lag er
in '81 bezaaid met sporen van die industrie: de kartonnen 'cones', waar in de spinnerij
de draden op werden gewonden, die in de weverij weer werden afgewonden.

De grafitti onder het viaduct ademden een toen al achterhaalde, volstrekt
onartistieke sfeer. Terwijl het gat in de ozonlaag ten gevolge van het gebruik van
CFK-houdende spuitbussen toen al een hot item was, zie je hier de schrijvers
nog met een emmertje verf en een blokkwast hun tag-avant-la-lettre maken.

Het viaduct is inmiddels spoorloos verdwenen.


Autosloperij langs de Zomerweg onder de schoorsteen van de oude steenfabriek.


Oldenzaalsestraat met bloeiende kastanjeboom.


'De opgeheven verzonken spoorlijn naar 's lands einder' I, II en III. Drie jaargetijden.
Gezien vanaf  de brug de de Noord-Esmarkerrondweg over dit in het landschap uitgegraven tracé.

Elk van deze drie tekeningen is een vierkante meter groot.

In het snijpunt van deze twee diagonalen is een piepklein
fabrieksschoorsteenpijpje zichtbaar.
Dat is er een van een textielfabriek in Gronau, 'bij de pruus' dus.


De enige van m'n Enschedese stadsgezichten die niet als pasteltekening is
uitgevoerd, is deze, de inmiddels alweer verdwenen nieuwbouw van de
brouwerij van Grolsch aan de Roomweg. Ik vond het moeilijk te verteren dat
deze staalconstructie voor altijd aan het oog onttrokken zou gaan worden
door saaie beplating. Na de vuurwerkramp kwam de constructie toch weer
een beetje zichtbaar, en helemaal toen de hele fabriek werd gesloopt
wegens verhuizing naar de nieuwbouw.

Dit is een met gouache ingekleurde pentekening.


De grootscheepse renovatie van de wijk Patmos vond ik een indrukwekkende
gebeurtenis. In enkele fases zijn alle bewoners in tijdelijke 'wisselwoningen'
ondergebracht (zie hieronder).
Op dit panorama van de Patmossingel zijn enkel stadia naast elkaar te zien:
van ontmanteling links, tot eindresultaat rechts.




'Veenstraat weerspiegeld'. In de jaren zeventig was midden op wat in feite
de Veenstraat was dit moderne ABN bankgebouw neergezet. In de
weerspiegeling van de bronskleurige ruiten staat het laatste restje van deze
straat, met links 'Het Oaldste Hoes', dat als zowat het enige de grote stadsbrand
van 1862 alsmede alle later rampspoed had doorstaan, maar in de tachtiger
jaren toch maar werd afgebroken en voor mogelijke herbouw werd
opgeslagen. Mij is niet bekend of dit ooit gebeurd is. Het gebouw rechts is
het Elderinkshuis, het andere gebouw dat die stadsbrand had overleefd.

Van deze tekening bestaan twee versies. Van de andere heb ik nog geen foto
teruggevonden. Ze verschillen in materiaalgebruik, maar wat het meest
in het oog springt is dat het boompje dat in het midden van de weerspiegeling
staat op de ander ook vóór het gebouw is afgebeeld. Die variant is in bezit
gekomen van ABN Amro en heb ikzelf in het afgebeelde gebouw opgehangen.


Het met een grote rododendronhaag omzoomde grasveld voor de Ooster-
begraafplaats aan de Zuidesmarkerrondweg. Het was vooral de krachtige
uitstraling van de violette bloesems die me heeft verleid tot het maken van
deze paste, de grootste van de seriestadsgezichten. Jammergenoeg en tot
mijn schande mag ik wel zeggen, bleek al na een jaar dat de kleurstof in de
krijtjes die ik had gebruikt voor de bloesems, niet lichtecht was zodat, als
deze pastel nog bestaat, de bloesems wel wit zullen zijn. De voetballende
jongens bleken naderhand overigens de kinderen te zijn van een vrouw
die bij mij op de Aki had gezeten en de man die het groen onderhield.


Enschedees Oude Markt kort voor een grote opknapbeurt begin jaren tachtig.
Dat de toren scheef lijkt ligt aan de foto, maar ik heb geen andere.
Dat de toren er niet helemaal op staat, heeft bijgedragen aan
het ontstaan van de volgende afbeelding.

Ik was al een tijd bezig met het maken van de reeks, toen ik besloot toch maar
eens een typische 'Ansichtkaart' te tekenen: de net vernieuwde Oude Markt,
op wat later bleek te zijn de vooravond van de terrassificatie, de opvallende
opleving van de terrascultuur in neerlands binnensteden.


De Bolwerkstraat, waar de zijgevel van café Het Bolwerk toen nog een blinde muur was.

De toren van de Jozefkerk aan de Oldenzaalsestraat.

Bejaardenwoningen aan de C.F. Klaarstraat. De trapeziumvormige bouw
was een welkome onderbreking van het verticale bouwen dat bepalend was
voor de gehele stad.


Panorama van het 'Bontweverijterrein' na de sloop van de Bontweverij.


H.B. Blijdensteinlaan met bolesdoorn.
De sloop van dit in een halve cirkel gebouwde rijtje
arbeiderswoningen is hier al begonnen.


'2 x 2 onder een kap' (Oosterstraat)


Transburg heet de wijk die gebouwd zou gaan worden op de vlakte die
ontstond na het slopen van de fabriek van Van Heek, tussen de Lage
Bothofstraat en het spoor naar Gronau.
Deze vrij kleine gelakte pastel werd in m'n atelier gekocht door een
vertegenwoordiger van De Nederlandsche Bank, t.b.v. een gastenverblijf
van de bank ergens op de Veluwe. Later kwam ik de afbeelding weer tegen
op het internet, omdat het werk weer bleek afgestoten en op een veiling
van eigenaar verwisseld was. Vreemd genoeg was het in de beschrijving
ineens een aquarel geworden...



Toen in 1983 zich de mogelijkheid voordeed om al mijn tot op dat moment
gemaakte Enschedese stadsgezichten samen te brengen in een tentoonstelling
in het nieuwe Textielindustriemuseum, besloot ik om als laatste telg in deze
reeks het Janninkscomplex te tekenen, waarin in de benedenverdieping
van de vleugel rechts het museum zich bevond. De andere vleugels waren
op dat moment nog haveloos, maar op de etages boven het museum waren de
appartementen al bewoond.
De rode Eend was van de directeur van het museum.

Het grafisch ontwerp van de affiche, zowel als dat van de ansichtkaarten
en het mapje was van Remco Crouwel, die op de eerste etage,
ergens achter de gerestaureerde schoorsteen woonde.


Ter gelegenheid van de tentoonstelling gaf ik een mapje kaarten (10 x 15 cm) uit.
De oplage van 1000 stuks was rap uitverkocht.


 1

2

 3

4

 5

6

7

 8

9

10

11


12


De publiciteit die deze fotorealistische pasteltekeningen genereerden
leidde ertoe dat ik opdrachten kreeg.
Zo maakte ik dit drieluik voor de vergaderruimte van een nieuw kantoor van
WBV De Volkswoning te Enschede.
V.l.n.r. hun oudste woningbouwproject, hun grootste complex en hun jongste project. Totaal 5.10 x 1.35 m



Mr. Aalbersestraat (1923-1987), een mooi enigszins aflopend straatje in 't Ribbelt.
Ik kwam er vaak langs, want het was niet ver van m'n huis.
Toen ik hoorde dat de huizenrij gesloopt zou worden heb ik het beeld vastgelegd.
Later is deze pastel (102 x 106 cm) in bezit gekomen van woningcorporatie Vooruit,
de eigenaar van deze huizen.


Op verzoek van de directeur van het bejaardencentrum aan de C.F. Klaarstraat
maakte ik een tweede portret van het trapeziumvormige complex.


Het Enschedese Wooldrikspark op verzoek.



Concordia, op verzoek, (als afscheidscadeau voor Art Linde)


Weliswaar geen Enschede in strikte zin, maar wel als opdracht uit de
stadsgezichten ontsproten. Voor de jaarlijks uitgegeven melkkalender 
van melkfabrikant Coberco maakte ik deze pastel van een mij 
aangewezen boerderij nabij het Twentse Saasveld.


En deze dan ook maar bij dit hoofdstuk:
In opdracht van Architektenburo Herman Hamhuis uit Hardenberg 
de juist voltooide nieuwbouw voor Esha aan het Groningse Hoendiep, 
zoals gereproduceerd voor hun nieuwjaarswens 1989.






4 opmerkingen:

  1. Heerlijk om te zien dat er ook nog kunstenaars zijn die alledaagse Enschedese zaken op het doek weten te vereeuwigen als ware het een foto.
    Prachtig!
    Maurice van Mourik
    Enschede

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Kwas net in de TwentseWelle en zag in een onduidelijke zijzaal uw 2x2 onder1kap schilderij. Vind het pr8ig. Misschien wel het mooiste wat daar hangt. Vooral ook omdat het zulk typisch Enschedese woningen zijn. Er moeten toch veel meer mensen zijn geweest die Enschedese stadsgezichten hebben geschilderd? Waar blijft de tentoonstelling?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank voor uw reactie! Leuk te vernemen dat dit werk in het museum te zien is (en niet in depot is). Natuurlijk, er zou een aardige tentoonstelling te maken zijn van alle makers van Enschedese stadsgezichten. Stel het voor aan een conservator van de Twentse Welle...

      Verwijderen
    2. Dag Pim, Er wordt momenteel een begin gemaakt met het nadenken over een tentoonstelling. Het bevindt zich allemaal nog in het allerprilste voorbereidende stadium, ik kan daarom nog niks zeggen. Evenwel begrijp ik uit jouw antwoord hierboven dat je er wellicht wel aan mee wilt werken. Ik houd dat in gedachten.
      Met vriendelijke groet,
      Marcel Meijer Hof
      (zie faceboek)

      Verwijderen